De prins op de witte klapstoel. Of toch niet?

De prins op de witte klapstoel. Of toch niet?

Gewetensvraagje. Heb je ook weleens dat je op een dronken – oké oké, aangeschoten – avond een FANTASTISCH idee bedenkt met vrienden? Dat je op zo’n moment denkt ‘MAN, waarom bedenken we dit nu pas?!’ Ik dus ook. Op een standaard vrijdagavond – lees: om een uur of 17:00 beginnen met 1 biertje en om een uur of 00:30 lallend naar huis wandelen – besloten twee vriendinnen en ik een bucketlist te maken. Die bewuste avond waren we gigantisch aan het klagen over ons single bestaan. Eén vriendin kwam met het fantastische idee, te gaan speeddaten. Ach, je moet tenslotte alles een keer geprobeerd hebben in het leven. Toch?

Vriendin A: “Laten we gaan speeddaten!”

Ik slik voorzichtig mijn bier weg en kijk vriendin A lichtelijk sceptisch aan. ‘Dat wil ik dus echt al heel lang doen, maar er wilt nooit iemand mee. Hoe grappig is dat,’ voegt ze eraan toe. Vlug kijk ik van vriendin A naar vriendin B. Oké. Overtuigd. Laten we het – voor de grap – eens proberen. Ooit gedaan? Vroeger hield speeddaten in mijn kringen in dat je met een oudere scholier ging kletsen over beroepskeuze en vervolgopleidingen. Het soort waar het deze keer om ging, omvatte in mijn gedachten super ongemakkelijke sessies met zo’n 86 vreemdelingen waar je in een paar minuten gaat praten over welk soort kaas je het lekkerst vindt. Dat komt aardig in de buurt, kan ik je vertellen.

En zo geschiedde. Heel eerlijk, de rit er naartoe was wat mij betreft het hoogtepunt. We zijn maar liefst 6 keer verkeerd gereden. 6 keer. Zo bewijzen we maar weer eens dat ‘wij vrouwen’ dus inderdaad geen kaarten kunnen lezen. Zelfs niet als het voorgelezen wordt door de levensmoeie stem van Google. Eenmaal gearriveerd krijgen we ieder een tafeltje met een nummer toegewezen. Nummer 22 is mijn naam. Lekker persoonlijk. In de regel is het zo dat de mannen in kwestie van date switchen en dat de dames blijven zitten. Waarom dat weer zo ouderwets verdeeld is, weet ik ook niet.

Het is net midgetgolven.

Man nummer 1 – er volgen in totaal maar liefst 23 anderen – heeft gelijk al een goede binnenkomer te pakken. Zijn date is namelijk maar liefst 20 minuten te laat. Nadat het belletje rinkelt kun je in 3 minuten je hele levensverhaal vertellen en vooral veel praten over je werk – want dat is wat de meesten doen. Bloedirritant. Totdat JP voor mijn neus zit. Van JP mag ik JP niet afkorten naar JP. Toch doe ik het. JP lijkt een beetje op Barteljaap van de serie Rundfunk. Google maar. JP vraagt mij of ik beroemd wil worden en als wat dan precies. Deze vraag heeft JP overduidelijk gejat van een lijstje met openingszinnen. Nice try though, JP.

Na zo’n 8 kerels afgewerkt te hebben – that escalated quickly – is er een korte pauze. Tijdens deze pauze kun je schijnbaar eten, want mijn volgende gesprekspartner ruikt intens naar kaaschips. Ik heb ook werkelijk geen idee wat hij tegen me zegt. De geur leidt teveel af. Dit schrijf ik dan ook als reminder op het kladblok wat we gekregen hebben.

Op mijn kladblaadje schrijf ik ‘kaaschips’

Krijn gaat voor mijn neus zitten. Hij buigt wat voorover. ‘Bij de vorige dames zocht ik naar een goede openingszin en las ik boektitels voor die ik achter hen in de kast zag staan. Maar ik denk dat ik dat bij jou maar niet moet doen.’ Nieuwsgierig kijk ik achterom en achter me staat een rekje vol gratis ansichtkaarten. Eentje daarvan citeert met grote koeienletters ‘ouwe tering hoer’. Ik draai me voorzichtig om, lach beleefd doch ongemakkelijk en vraag mezelf en de goden nogmaals af wat ik hier doe. Ik zeg hem dat het inderdaad niet echt de juiste manier is om een gesprek te openen. Dan rinkelt de bel. Op naar de volgende.

Sebastiaan de dokter – dat weet ik omdat hij net als ieder ander over zijn werk begint – doet een mislukte poging om de dromerige blik van McDreamy te imiteren. ‘Charlotte, waar word jij nu ècht gelukkig van?’. Ik geef hem een kutcliché antwoord terug. ‘Kaas. Erecties. Onverwacht McDonalds eten. Je kent het wel.’

Een aantal dates later ontmoet ik het stereotype speeddaten. Toen ik hem vertelde dat ik schreef, lichtte zijn gezicht op. Het was alsof ik  hem zojuist had verteld dat hij een miljoen had gewonnen. ‘Dan denk ik dat je mijn stukken ook wel heel erg leuk vindt!’ antwoordt hij enthousiast. Een uitleg volgt. De beste man schrijft fantasieverhalen voor Live Action Role Play. Ook wel bekend als LARPEN. Of ik dat ken. ‘Ja sorry, het is wel een beetje nerdy hoor,’ voegt hij er aan toe.

Of ik speeddaten kan omschrijven? Laten we het erop houden dat ik een ervaring rijker ben. Ik blijf toch lekker van de oude stempel en ontmoet iemand ouderwets face-to-face. En anders heb ik alvast wat namen voor mijn toekomstige katten bedacht. JP, om maar een voorbeeld te noemen.

 



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *